vrijdag 19 december 2008

Terugkeer van de Belgenmop

Decennialang was het in Nederland goed gebruik flauwe grappen te maken over die ‘domme’ Belgen met hun friet en bier. Maar de onder Hollanders zo geliefde Belgenmop leek een stille dood gestorven.
Het beeld van het roomse België als ingedut landje vol corrupte politici en oude denkbeelden werd ongemerkt bijgesteld. Vooral ook door een groep zelfverzekerde Vlamingen die het minderwaardigheidscomplex richting de ‘grote buur’ van zich af schudde en aan een – deels van Nederland gekopieerde - modernisering werkte.
De dioxine-crisis en de affaire Dutroux leken eind jaren negentig de laatste stuiptrekkingen van het zich vaak belachelijk makende België. De taalstrijd in de Voerstreek was zelfs allang vergeten.
Vooral het paarse elan van premier Verhofstadt gaf de Belg extra zelfvertrouwen en deed hen recent zelfs lachend neerkijken op Nederland, dat na de moorden op Fortuyn en Van Gogh een chaotische periode door maakte.
Dat gebeurde op een moment dat ‘ne Ollander’ allang niet meer automatisch in de lach schoot bij de naam ‘België’. De buik vol hebbend van het overgereguleerde Nederland, dat vaststond in verstikkende files en waar je maanden op een operatie moest wachten versterkte juist dat andere, romantische beeld van België. Het land met dat zachte taaltje waar iedereen lacht, zoals Het Goede Doel in de jaren tachtig al zong.
Niet alleen rijke landgenoten vluchtten voor de fiscus, maar ook honderdduizend ‘gewone’ Nederlanders namen de wijk naar Vlaanderen. Gelokt door goedkope huizen, goed onderwijs en een perfecte gezondheidszorg. Een plek bovendien waar ‘druk, druk druk’ plaatsmaakte voor een Bourgondische levensstijl.
Maar het zo ‘prettige’ België blijkt slechts schijn. Vooral omdat Verhofstadt alle tegenstellingen en de politieke en financiële problemen zorgvuldig had weggemoffeld.
Zijn opvolger Leterme erfde daarmee een nog altijd nodeloos ingewikkeld en vrijwel failliet land, dat in zijn gezicht ontplofte toen hij het probeerde te veranderen. Door massaal Waals verzet, maar vooral omdat hij zelf al blunderend door het ijs zakte.
Wat rest is een gespleten en onbestuurbaar koninkrijk, dat z’n grootste bank verloor en diep in de schulden zit. Een land dat eigen kranten als bananenrepubliek omschrijven en waar gezaghebbende columnisten openlijk vergelijkingen maken met Wit-Rusland en Ceaucescu.
Een land dat tijdens de ergste economische crisis in honderd jaar niet bestuurd wordt en waar een kleine elite via vriendjespolitiek en dubbele petten angstvallig in het zadel probeert te blijven.
Ingrediënten genoeg dus voor een nieuwe reeks Belgenmoppen, ware het niet dat de situatie te onvoorstelbaar en triest is om een leuke grap over te maken.
Ronald Veerman

0 reacties: